Lucian Freud, geboren in Berlijn op 8 december 1922, kleinzoon van Sigmund Freud (psychoanalist), zoon van Ernst Freud (architect) en Lucie Brash (dochter van een rijk graanhandelaar) is van Joods-Oostenrijkse origine. In 1933 wijkt het gezin uit naar Engeland waar hij in 1939 de Britse nationaliteit verkrijgt.
Aan de Academie te Londen begint hij met het maken van sculpturen. In het begin van de tweede Wereldoorlog stapt hij over op schilderen. Hij schildert hoofdzakelijk portretten en naaktfiguren. Zijn schilderijen maken een enorme indruk door zijn manier van het neerzetten van de naakte werkelijkheid, zowel letterlijk als figuurlijk. Met zijn oog voor detail, ook al lijkt het in eerste instantie grof geschilderd, schroomt hij niet om het verval van het menselijk lichaam van het doek af te laten springen. En toch liggen zijn modellen er bij alsof ze zich onbespied wanen, geheel ontspannen, zonder enige schaamte.

Deze ontspannen schaamteloze indruk zou kunnen komen doordat Lucian Freud de temperatuur in zijn atelier tot bijna tropische warmte opstookt, zodat geen van zijn modellen het tijdens de urenlang durende sessies koud krijgt. Deze hoge temperatuur heeft tot gevolg dat menig model tijdens het poseren indoezelt.
Maar het is juist deze schaamteloze onbevangenheid van het model tegenover de rauwe realiteit en de zeldzame intimiteit van het geschilderde wat het kunstwerk zo fascinerend maakt. Naarmate je er langer naar kijkt dringt zich het idee aan je op dat je zelf in het atelier aanwezig bent en krijg je het gevoel alsof je het poserende model al jarenlang kent.
Zijn assistent David Dawson heeft zijn schilderijen ooit als volgt omschreven : “Wat hij schildert is de som van alle facetten van hun persoonlijkheid” en hier sluit ik mij volledig bij aan.

Leigh On A Green Sofa